25 jaar IJsvogel Arcen

Al in geschriften uit 1948 duikt de Arcense watermolen op als onderdeel van het bezit van de kasteelheren van de “Heerlijckheydt Arcen". Die molen lag aan de andere kant van sluis, stuwmuur en spaarbekken, precies op de plek waar nu de rijksweg loopt. Aangetast door de tand des tijds en door krijgsgeweld werd de molen in 1677 afgebroken en werd het huidige molengebouw gezet. Deze molen was geschikt voor het malen van graan en voor de fabricage van lijnzaadolie. Tot 1928 was de molen in gebruik, in dat jaar moest hij de ongelijke strijd tegen de machinale maalderijen opgeven en werd hij buiten gebruik gesteld. Overgelaten aan de elementen en de dadendrang van den avontuurlijke dorpsjeugd raakte het gebouw steeds verder in verval tot er begin 80-er jaren niet meer over was dan een ruïne.

Een triest gezicht, die ruïne aan de ingang van Arcen. In 1984 besloten een aantal particulieren er iets aan te gaan doen. Ze richtten de “Stichting tot behoud watermolen Arcen"op. Verwierven het gebouw en de grond in eigendom van de stichting “het Limburgs Landschap" en peuterden met veel inspanning her en der subsidies los om de restauratie te financieren. De handen gingen uit de mouwen en op 27 mei 1193 was het zover dat de “nieuwe"oude molen in gebruik kon worden genomen. Niet meer als graan- en oliemolen maar als graanmolen en branderij. Graanbranderij de IJsvogel was geboren, een oude watermolen aan een nieuw leven begonnen.

Toon en Corrie van den Reek hadden al langer het idee om een Graanbranderij te beginnen. Toon was eigenaar van de Arcense Stoombier brouwerij in Arcen (Hertog Jan). Hij wilde iets gaan doen met het restbier wat ze regelmatig hadden bij de brouwerij. Hij kwam op het idee om dat restbier te gaan afstoken en de alcohol eruit te gaan halen om er Jenevers en Bitters van te maken.

Tijdens het restaureren van de molen kwam het idee om daar de Branderij in te vestigen. En zo ontstond op 27 mei 1993 Graanbranderij De IJsvogel.

Sample Text

Opening 27 mei door Lonneke van den Reek